Nu hij rampzalig is, is hij mij lief geworden


nu-hij-rampzalig-is-is-hij-mij-lief-geworden
jean baptiste racinenuhijrampzaligisismijliefgewordennu hijhij rampzaligrampzalig isis hijhij mijmij lieflief gewordennu hij rampzalighij rampzalig isis hij mijhij mij liefmij lief gewordennu hij rampzalig isis hij mij liefhij mij lief gewordenis hij mij lief geworden

De persoon die alleen slaapt, wordt in slaap gewiegd door allen die hij lief heeft, lief had, lief zal hebbenVan in zijn prille jeugd deelde hij graag de lakens uit. Nu is hij eindelijk hotelbediende gewordenToen hij iemand door de gangdeur hoorde binnenkomen, herkende hij, na even luisteren, zijn vader aan de voetstappen en de ademhaling bij het ophangen van zijn overjas. Hij heeft mij verwekt, dacht hij. Laat ik hem welwillend beschouwenWees lief voor de ander, hij is ook lief voor zichzelfWie van mij niet wil aanvaarden wat hij nodig heeft als ik het heb, zal mij ook niets geven van wat hij heeft als ik er om zit te springenIk stel mij God voor, sprak de mug, vele duizenden malen groter dan ik; in de eeuwige glans en eeuwig geluk gonzend, danst hij en koestert hij zich in de zon